4e zondag door het jaar, 1 Korintiërs 12: 31 – 13: 13, Lucas 4: 21
Dierbare Lezer,
Er is in de loop der tijden heel wat geschreven over liefde, maar voor mij heeft niemand de inhoud van de tweede lezing over liefde verbeterd. Paulus schreef over Gods liefde, die wonderlijk is. Eigenlijk beschreef hij zijn eigen ervaring met Gods liefde.
Stelt u zich eens voor: Paulus ijverde voor God, althans zo dacht hij. Hij meende hard op te moeten treden tegen de leer van de apostelen, die in zijn overtuiging vals was en omdat deze in zijn ogen mensen van God zou afhouden. Hij wilde Gods eer redden. Maar wie kan de heilige God verdedigen? Wie kan het voor Hem opnemen?
Ondanks alle gemeende oprechtheid van Paulus, zat hij op het verkeerde spoor. Hij had zich laten leiden door menselijke overwegingen, die van de Farizeeën en niet door de inzichten van Gods Geest.
Wij zouden zo iemand afschrijven en van hem wegtrekken, maar onze liefdevolle Heer schrijft niemand af, in tegendeel, Hij zei namelijk eens dat de zieken een dokter nodig hebben. In Gods ogen was Paulus ziek en had hij genezing nodig.
Eens toen Paulus op weg was naar Damascus, greep Jezus zelf in en Hij riep Paulus, toen nog Saulus, aan en vroeg hem: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je Mij?’ Paulus vroeg wie hij was die hem aanriep en Jezus openbaarde zich: ‘Ik ben Jezus, die jij vervolgt.’ Dat leidde tot de bekering van Saul, die daarna Paulus genoemd werd. Paulus werd een vurig apostel en wij mogen tot op de dag van vandaag moed en kracht putten uit zijn geschriften.
Paulus mocht de liefde van Jezus aan den lijve ondervinden en vanuit die ervaring schreef hij over Gods wonderlijke liefde, die niet uit is op eigen eer, op het ongeluk van de ander, maar juist haar vreugde vindt in de waarheid, in het geluk van de ander.
- De liefde is niet hoogmoedig en heeft oog voor iedere naaste
- De liefde praalt niet, schept niet op, maar is een en al nederigheid
- De liefde is niet jaloers, maar geniet van het geluk van de ander
- De liefde is niet de schone schijn, de buitenkant dus, maar zij komt van binnenuit en is puur en een genot voor de ander
- De liefde zoekt altijd het geluk van de ander en laat zich niet kwaad maken.
Als ik dat zo goed tot me door laat dringen, kan ik van Paulus nog veel, heel veel leren.
Dit mocht Paulus ervaren toen Jezus hem riep. Jezus verwierp Paulus niet, maar Hij raakte hem aan. En als een mens door Gods liefde, die in Jezus is, wordt aangeraakt, gebeurt er wel iets in de mens. dat doet hem totaal veranderen. Hoe heerlijk, dat God iedere mens waardevol blijft vinden, zelfs Paulus, die het eens met de moord op Stefanus eens was…
In liefde is de mens anders. In liefde kan de mens uitgroeien tot wie er in het diepst van zijn ziel schuil gaat. In liefde ontwikkelt de mens talenten, die hij zelf niet kent, maar die naar boven komen als de mens met zijn talenten aan het werk gaat. Dan verdient hij er talenten bij. Liefde maakt de mens vrij. Hoe heerlijk, dat echte liefde, Gods liefde, nooit vergaat. Dat kan ook niet, want God is van alle tijden en Hij vergaat nooit.
Dat betekent, dat de echte band van liefde tussen mensen ook niet kan vergaan. En nog een stap verder: de mens die leeft vanuit Gods liefde, vergaat dus ook nooit. Dat houdt ook in, dat wij eens allen die ons dierbaar waren en vanuit Gods liefde leefden, eens weer zullen ontmoeten in het huis van de Vader. Wat een heerlijk vooruitzicht!
Die liefde kwam Jezus ons brengen, maar in zij eigen vaderstad werd Hij niet geaccepteerd, want Hij was immers gewoon maar timmerman….
Dat is vaak onze fout, als wij naar anderen zien: wij zien hunafkomst, de buitenkant. Wij moeten leren zien met geestelijke ogen en dan worden mensen in onze ogen ook anders, niet allemaal, want er zijn en blijven helaas ook boosdoeners rondlopen, die van God nog gebod willen weten en dus ook Gods liefde niet in zich hebben.
Vanwege hun ongeloof kon Jezus in zijn vaderstad geen wonderen doen. Laten wij ons richten tot Hem, die ons in zijn onmetelijke liefde blijft zoeken om onze harten te vervullen met zijn liefde. Neemt zijn liefde aan, om Hem de kans te geven om ons in die liefde zijn wonderen te kunnen tonen.
God zegene u daartoe